Korte broedhandleiding.
Het broedlokaal. 
De beste omstandigheden voor een broedmachine is, als in die omgeving staat waar een luchtvochtigheid heerst tussen de 40 en 70 %.
De temperatuur in het broedlokaal tussen de 10 en 25° C bedraagd.
Dat de broedmachine op een stevige trillingsvrije ondergrond staat.
Trillingen hebben een ongunstig efect op de embryo's.
Het beste is hiervoor geschikt een tafel of een wandsteun (plankendrager) waarmee trillingen zoveel mogelijk worden vermeden.
De machine het beste bedienen door één en dezelfde persoon. 

De broedeieren.
De broedeieren moeten van goede kwaliteit zijn.
Bewaar de broedeieren op een koele plaats b.v in een koele berging of in een kelder want de bewaartijd is erg afhankelijk van de temperatuur.
Let op de broedeieren NIET in de koelkast bewaren.
Bij kippeneieren als de temp 18 a 20°c is de bewaartijd max 4 dagen.
Bij kippeneieren als de temp 18 a 16°c is de bewaartijd  7 dagen.
Bij kippeneieren als de temp 14 a 10°c is de bewaartijd 10 tot 14 dagen.
Bij temperaturen boven 25°c worden de eieren vrijwel waardeloos als broedei. Je kunt de broedeieren bewaren in een eierdoosje met de punt naar beneden je kunt ze ook in een bakje met zaagmeel zetten dit kun je doen als je de eieren niet langer bewaart als 4 a 5 dagen. Bewaar je de eieren langer dan moeten ze 2 maal per dag 180° over de lengteas gedraaid worden dit om te voorkomen dat de eierdooier uitzakt en de hagelsnoer beschadigd wordt, vergeet geen merkteken op de eieren te zetten zodat je weet hoe je moet draaien. Als je geen kelder of plaats hebt  kun je het volgende doen graaf een gat in de grond doe daar een dichte emmer of kist met daarin de broedeieren zorg wel dat de emmer of kist minmaal 50 cm diep in de grond zit doe er wel een stevige deksel op voor eierrovers. Bevuilde broedeieren voorzichtig schoonmaken met neosabenyloplossing zit het vuil er dik op voorzichtig schoonmaken met een mesje nadien afwassen met de oplossing. Denk bij het vervoer van broedeieren aan trillingen probeer deze te voorkomen b.v vervoeren in een koelbox of doos gevuld met zaagmeel.
De vorm van het broedei. 
De broedeieren van een gemiddelde afmeting geven doorgaans de beste broedresultaten eieren met een abnormale vorm of structuur zijn geen (goede) broedeieren. 
Bevuild broedei. 
Bevuilde broedeieren voorzichtig schoonmaken met neosabenyloplossing zit het vuil er dik op voorzichtig schoonkrabben met een mesje nadien voorzichtig afwassen met de oplossing.  
De kleur van het broedei. 
De kleur van het broedei heeft geen invloed op de kwaliteit.

Schouwen van de broedeiereren.
Ieder broedei moet voor het broeden geschouwd worden met een schouwlamp of er geen of er geen scheurtje(s) in de schaal zit en de dooier centraal ligt. 
De luchtkamer van het broedei. 
Aan de luchtkamer in het broedei is te zien of we te maken hebben met wel of geen goed broedei, een goed broedei moet een kleine luchtkamer hebben.
De luchtkamer is tijdens het broeden ook het middel om op de juiste wijze te broeden en de gunstige ontwikkeling van het kuiken te controleren.
Daarom is het beste om iedere 4 dagen de grens van de luchtkamer te bepalen en met een potlood  op het ei aan te tekenen.
Groeit de luchtkamer te LANGZAAM dan is het in de machine TE VOCHTIG dan MEER ventilatie.
Groeit de luchtkamer te SNEL dan is het in de machine TE DROOG dan MINDER ventilatie.

Zoals je ziet is afbeelding a de juiste de luchtkamer moet aan het einde van de broedperiode 1/3 van het ei bedragen.
Het testen van de broedthermometer en de hygrometer. 
Voordat je begint met broeden moet je de thermometer en de hygrometer testen op juistheid dit voorkomt veel ergernis.
De thermometer kun je controleren door met een geijkte koortsthermometer en de thermometer in bak water van ongeveer 38° graden Celcius onder te dompelen.
Is er dan een verschil van temperatuur tussen de thermometers dan het verschil van de broedthermometer optellen of aftrekken. (koortsthermometer is juist) Dan is de broedthermometer weer betrouwbaar.


Ook de hygrometer moet worden uitgeprobeerd voor ingebruikname dit kun je makkelijk doen door de hygrometer te nemen en die in een vochtige doek (washandje) te draaien en die een half uur te laten liggen haal hem dan uit de vochtige doek, de hygrometer moet dan een vochtpercentage aanwijzen van 95 %.
Is dit niet het geval de meter achter bijstellen met een kleine schroevendraaier (de aanwijsnaald op 95% zetten).
Dan is de hygrometer ook weer gereed voor gebruik.

Wat is de juiste luchtvochtigheid in een vlakbroeder.
Bij kippeneieren de luchtvochtigheid 50 à 55 % de laatste 2 dagen 70 %.
Bij eendeneieren de luchtvochtigheid 45 % de laatste 2 dagen 70 %.
Enkele dagen één te hoge of lage luchtvochtigheid hoeft niet ongunstig te zijn voor het resultaat. 
Wat is de juiste temperatuur in een vlakbroeder.
Bij kippeneieren de temperatuur ongeveer tussen 38.5° en 38.88° C of 101.3° en 102° F
Bij eendeneieren de temperatuur 37.5° C of 99.5° F.
Enkele dagen één te lage temperatuur kan geen kwaad één te hoge temperatuur richt blijvende schade aan de kiem met ongelukkige kuikens tot gevolg. 
Het inleggen van de broedeieren. 
Voordat je de broedeieren gaat inleggen moet je de broedmachine een dag te laten proefdraaien waarbij u de juiste temperatuur en luchtvochtigheid afstelt.
Ook de broedeieren kun je het beste enkele uren laten rusten in de broedruimte voordat je ze in de broedmachine plaatst.
Als je de eieren ingelegd hebt de eerste 24 uur de temperatuur niet wijzigen. 

Het keren van de eieren.
Je moet pas beginnen met het keren van de eieren met ingang van de tweede dag minimaal 2 keer per 24 uur.
Het keren moet bij voorkeur gebeuren op het zelfde tijdstip iedere dag.
Zet met een potlood merktekens op het ei aan de ene zijde een O aan de tegenovergestelde zijde een X zodat je weet hoe je moet keren, dit keren moet je doen om te voorkomen dat de eierdooier uitzakt en het hagelsnoer beschadigd wordt. 
Wat is de gemiddelde broedperiode.
De broedduur van kippen is 21 dagen.
De broedduur van eenden is 28 dagen.
De broedduur van ganzen is 28 - 32 dagen.
De broedduur van fazanten is 23 - 27 dagen.
De broedduur van kwartels is 16 - 23 dagen.
De broedduur van struisvogels is 42 dagen.

De uitkomst. 
Op de 19 de dag stopt men met het keren van de eieren.
Op de laaste 2 dagen het vochtpercentage opvoeren tot het gewenste waarde, de machine niet openen want dan daalt het vochtpercentage want de uitgekomen kuikens kunnen makkelijk 24 uur in de machine blijven zonder eten of drinken de kuikens teren nog op de dooierrest.
Staan de uitgekomen kuikens te hijgen dan moet u ze meer ventilatie geven wat dus inhoud dat ook het vochtpercentage daalt. 
Kuikens. 
Als de kuikens goed opgedroogd zijn kunnen ze de broedmachine verlaten en ondergebracht worden in een afgesloten ruimte, waarboven een goede warmtebron hangt.
De warmte op de bodem van het verblijf dient de eerste dagen ten minste 32° C te bedragen. De temperatuur dan met enkele graden per week afbouwen tot ongeveer de buiten temperatuur is bereikt.

Enkele problemen met hun mogelijke oorzaken.
De kiem sterf af tussen de 12 de en 19 de dag.
De temperatuur in de machine is niet goed.
Gebrek aan voldoende ventilatie in de machine.
Ziekelijke ouderdieren.
Vitaminegebrek ouderdieren. 
Kuiken dood in het ei zonder aangepikt te zijn.
Machine te vaak geopend tijdens de uitkomst.
Een te lage gemiddelde broedtemperatuur.
Te laag vochtgehalte tijdens de uitkomst.
Veel te hoge temperaturen tijdens een korte periode. 
Kuikens met een veel te groot achterlichaam.
Een te laag vochtgehalte tijdens het broeden.
Te lage broedtemperatuur. 
Onregelmatige uitkomst.
Eieren van verschillende ouderdom.
Eieren met verschillende afmetingen ( zorg dat de eieren in de vlakbroeder met de bovenkant allemaal even hoog liggen ).

Te late uitkomst.
Gemiddelde broedtemperatuur te laag.
Oude broedeieren. 
Onbevruchte eieren.
Te vette ouderdieren.
Teveel dons bij de oudervogels waardoor bevruchting niet mogelijk is (dons wegknippen) of geen goede bevruchtende haan.
Slechte conditie ouderdieren. 
Kuikens komen een halve dag te vroeg uit:                                             Verlaag de broedtemperatuur met een 0.5° C.
Kuikens komen een halve dag te laat uit: Verhoog de broedtemperatuur met een 0.5°C. 
Te koud broeden kan over het algemeen geen kwaad alleen de kuikens komen veel later uit, te warm broeden kan wel kwaad je krijgt dan afwijkingen / misvormde kuikens: o.a. aan de pootjes en tenen (kromme tenen).

Spreidpoten: Spreidpoten hebben niets met vochtigheid te maken.
Die spreidpoten kunnen :  Een erfelijke aaanleg zijn of een gladde uitkomstlade van de broedmachine gebruik als er papier in ligt dan eventueel ruw papier op de uitkomstlade .
Ik heb dit zelf ooit aan de hand gehad toen ik eieren had uitgebroed in de broedmachine, toen die uitgekomen waren en opgedroogd in een opfokruimte gezet met op de bodem krantenpapier. Wat bleek tot mijn grote schrik toen enkele uren daarna in de opfokruimte kwam om te inspecteren lagen van de 20 kuikens er 4 met spreidpoten op de grond, ik wist toen niet wat ik daar mee aan moest ik dacht eerst dat het een ziekte of zo was en heb deze naar de kuikenhemel geholpen. Toen ik de volgende dag weer ging kijken waren er weer twee kuikens met die rare poten, na een onderzoek bleek dat de kuikens uitschoven op het gladde kranten papier en de botjes nog te soepel waren,dit heb ik inmiddels opgelost door over het krantenpapier een fijne vogelgaas op de bodem te leggen en meteen was het probleem opgelost. Maar spreidepoten zijn ook te behandelen doe dan het volgende je doet dan een wollen draadje tussen de poten van het kuikentje bevestigen, dit doe je dan zo laag mogelijk ( denk maar aan het boeien van een gevangene aan de benen/enkels ) dan is dit bij jonge kuikentjes na 3 à 4 dagen al hersteld. (bevestig dat de pootjes op de juiste maat maar niet verder uit elkaar kunnen)
Hoe kunnen we pootafwijkingen verhelpen en hoe gaan we te werk .Om te beginnen is het gemakkelijk om met twee personen te zijn. Zorg ervoor dat u stukjes  van 5 cm luchtdoorlatende plakband hebt, leukoplast van 2,5 cm leent hier zich het beste voor. Als we de protese zoveel mogelijk op maat hebben geplooid (fig 1)
zodat de twee uiteinden bij de hiel van de poot bij elkaar komen, plaatsen we de poot op de protese. Let wel op datde nagels juist over de ijzerdraad komen en mooi vertikaal staan, want dan staan de tenen pas in de goede positie. We doen dit teen voor teen want het is onmogelijk om alle tenen precies in de juiste richting te houden, vandaar dat je het beste met twee personen werkt. We plakken nu de tenen vast rondom de dubbele ijzerdraad (fig 2) zodanig dat de tenen precies tussen de dubbele ijzerdraad zakken (fig 3).
De luchtdoorlatende plakband zorgt er voor dat de teen en de plakband een beetje luchtcirculatie blijft bestaan, zodat er van verstikking van het vlees geen sprake is. Dit kun je het beste toepassen op het moment dat je kromme tenen vaststeld want hoe vroeger hoe beter. Het is wel een raar gezicht hoe de kuikens erbij lopen maar het helpt soms na een dag of twee al voldoende. Bij vogels van 6 à 7 weken duurt het wel 14 dagen. Je kunt eventueel de behandeling verlengen als het resultaat nog niet goed is. De vogels hebben er verder geen hinder van.


Als het kuiken ook nog spreidpoten heeft kun je een wollen draadje tussen de twee pootjes van het kuikentje binden, probeer het draadje zo laag mogelijk te doen (fig 4) dit is bij de jonge kuikentjes na een dag of 3 à 4 dagen al hersteld.
© (copyright) JG 2002.